There are no translations available.

Het percentage kinderen jonger dan vijf jaar dat in ontwikkelingslanden overlijdt moet in 2015 met tweederde zijn teruggebracht ten opzichte van 1990. In dat jaar stierven in de arme landen 13 miljoen kinderen. De hoge kindersterfte heeft verschillende oorzaken. Veel kinderen overlijden aan ziektes die voorkomen of genezen hadden kunnen worden, zoals diarree, mazelen, longontsteking en malaria. Toegang tot medicijnen, vaccinaties, een goede hygiëne en een goede gezondheidszorg is noodzakelijk om deze ziekten te helpen bestrijden.
___________________________

Voortgang

Winst
In 2006 is de kindersterfte voor het eerst sinds de sterftecijfers worden bijgehouden onder de 10 miljoen gedaald. Beduidend minder dan de bijna 13 miljoen kinderen in 1990 maar nog steeds onaanvaardbaar veel. Bijna de helft van de kindersterfte vindt plaats in sub-Sahara Afrika.

Het kindersterftecijfer in de ontwikkelingslanden daalde van 103 per 1000 in 1990 naar 80 per 1000 in 2006. In Zuid-Azië daalde het sterftecijfer van 120 naar 81, in Noord-Afrika zelfs van 82 naar 48. Deze winst in ontwikkelingslanden is te verklaren doordat tegenwoordig veel meer kinderen worden gevaccineerd tegen mazelen. Het aantal mensen dat wereldwijd overlijdt aan mazelen (voornamelijk kinderen onder de 5 jaar) is dan ook met bijna 70 procent gedaald, van 757.000 in 2000 tot 242.000 in 2006. Ook overlijden er minder kinderen aan malaria omdat zij vaker onder een klamboe slapen.

Een flink aantal landen is er in geslaagd om de kindersterfte terug te dringen. Toch lijkt dit millenniumdoel bij een gelijkblijvende voortgang niet in 2015 gehaald te worden. Vooral in sub-Sahara Afrika blijft de kindersterfte erg hoog. Het sterftecijfer daalt in deze regio maar licht: van 184 in 1990 tot 157 in 2006.